10 juni 2026
Ik moest lachen toen ik deze week een post van Robin van Lohuizen voorbij zag komen. Hij schreef dat mensen hem op LinkedIn vaak scherper vinden dan wanneer ze daadwerkelijk met hem werken.
Dat herken ik.
Mensen vinden mijn werk soms spannend. Door de combinatie van gedragsanalyse, interviewtechnieken, non-verbale communicatie en de verhalen die daar online over verschijnen, denken mensen regelmatig dat ik door ze heen kan kijken. Alsof ik ergens een verborgen superkracht heb ontwikkeld waarmee ik direct weet wat er in iemand omgaat.
De werkelijkheid is een stuk minder mysterieus.
Sterker nog, ik vertrouw mensen die beweren dat ze anderen direct kunnen doorzien juist minder. Iedereen die beweert mensen direct te kunnen doorzien, verkoopt een fantasie. Zonder context, zonder gesprek en zonder aanvullende informatie weet je vrijwel niets. Dat betekent overigens niet dat je niets kunt zien. Integendeel. Het betekent alleen dat wat je ziet pas betekenis krijgt wanneer je het kunt plaatsen in een context.
Dat inzicht heeft mij meer dan twintig jaar gekost.
Toen ik nog voor de overheid werkte, eindigde mijn werkdag vaak niet om vijf uur. Daar waar veel mensen de deur achter zich dichttrokken, begon voor mij vaak een tweede dag. Ik verdween in onderzoeken, boeken, wetenschappelijke artikelen en gesprekken met mensen die verder waren dan ik. Niet omdat iemand mij daartoe verplichtte, maar omdat ik geobsedeerd raakte door één vraag:
Waarom doen mensen wat ze doen?
Die zoektocht begon bij individuen. Later verschoof mijn aandacht naar teams, leiderschap, organisaties en besluitvorming. Naar wat er gebeurt wanneer belangen botsen, wanneer spanning oploopt en wanneer mensen dezelfde situatie totaal verschillend ervaren.
Vorige week begeleidde ik een meerdaags traject voor een organisatie in het buitenland. De naam doet er niet toe. De organisatie ook niet.
Wat interessant is, is wat er gebeurde.
De reis begon al bijzonder. Twee uur rijden door regen en bergen. Een hotel dat ondanks de fantastische organisatie niet helemaal optimaal bleek te zijn. Na aankomst direct door naar de eerste avondsessie. Daarna tot diep in de nacht analyses afronden en de volgende ochtend weer vroeg verder.
Vermoeidheid is interessant. Niet omdat je daardoor minder scherp wordt. Toen ik mezelf observeerde, merkte ik juist dat mijn aandacht verschoof. Je laat los wat niet essentieel is. Wat overblijft, zijn vaak juist de dingen die er werkelijk toe doen.
De eerste sessies verliepen goed. Er was veel herkenning. Goede discussies. Er werd gelachen tijdens scenario-oefeningen die normaal gesproken juist spanning oproepen. Mensen begonnen zichzelf te herkennen in patronen die ze nooit eerder onder woorden hadden gebracht.
Maar het meest interessante moment kwam pas later. Toen we naar de teamdynamiek gingen kijken, veranderde de sfeer. Niet dramatisch. Niet zichtbaar voor iedereen. Maar subtiel genoeg om het verschil te voelen. De vragen werden scherper. Sommige conclusies werden betwijfeld. Er ontstond discussie over bronnen, interpretaties en onderbouwing. Op dat moment moest ik terugdenken aan iets wat ik jaren geleden al leerde tijdens interviews.
Mensen discussiëren zelden alleen over de inhoud. Veel vaker discussiëren ze over wat die inhoud betekent voor hun werkelijkheid. Terwijl de discussie doorging, merkte ik dat ik iets anders deed dan waarvoor ik oorspronkelijk was gekomen. Ik was niet meer alleen trainer. Ik observeerde wat er tussen mensen gebeurde.
Dat is misschien ook het grootste verschil tussen een training en een organisatievraagstuk. Bij een training gaat het vaak over kennis en praktische vaardigheden. Maar eigenlijk heeft dit professionele team al veel op orde, soms ben je simpelweg meer bezig met de volgende stappen. Bij organisatieontwikkeling gaat het over patronen. Patronen worden zelden zichtbaar wanneer alles soepel verloopt. Ze worden zichtbaar zodra er spanning ontstaat. Niet te veel spanning. Net genoeg.
Juist dan wordt zichtbaar hoe mensen omgaan met verschil van inzicht. Hoe zij reageren op weerstand. Hoe besluiten tot stand komen. Hoe status werkt. Hoe invloed werkt. Hoe veilig het werkelijk voelt om iets te zeggen wat afwijkt van de rest.
Wat mij door de jaren heen misschien nog wel het meest is gaan fascineren, is dat de belangrijkste informatie vaak pas verschijnt nadat de sessie voorbij is.
Of wanneer iemand achteraf zegt: "Dat vond ik eigenlijk best pittig."
Soms bedanken mensen je pas later. Met een stevige knuffel of een mooi cijfer voor de dagen. Soms vertellen ze dan pas wat ze werkelijk dachten, hier was uiteindelijk men het toch eens ;-) Soms blijkt weerstand helemaal geen weerstand te zijn.
Maar verwerking.
Ik denk dat daar ook een misverstand zit over mijn werk. Mensen denken vaak dat ik gedrag analyseer. Dat klopt ook. Maar gedrag analyseren is meestal het makkelijke deel. Veel moeilijker is begrijpen wat er tussen mensen gebeurt. Want dezelfde gebeurtenis kan voor vijf mensen vijf verschillende werkelijkheden opleveren. En toch moeten die mensen met elkaar samenwerken, besluiten nemen en elkaar blijven vertrouwen.
Daar begint mijn werk meestal pas echt. Misschien is dat ook waarom ik niet warm word van standaard teambuilding. Ik ben oprecht geïnteresseerd in wat zichtbaar wordt wanneer mensen het een keer níét met elkaar eens zijn. Wanneer dezelfde discussie voor de derde keer terugkomt. Wanneer iemand stilvalt. Wanneer een team groeit, maar niet precies begrijpt waarom bepaalde patronen blijven bestaan of ontstaan.
Daar begint voor mij het interessante werk. Niet omdat ik de antwoorden heb. Maar omdat daar vaak de vragen liggen die nog niemand heeft gesteld.
En omdat ik bereid ben die vragen wél te stellen.
Dat vraagt ook iets van mij. Het vraagt dat ik mijn eigen aannames blijf onderzoeken. Dat ik kritiek kan ontvangen zonder direct te reageren. Dat ik alert blijf op mijn eigen interpretaties. Zoals ik ook in mijn boek Verborgen Signalen beschrijf: " mensen reageren meestal niet naar jou toe, maar van zichzelf af.
Misschien is dat uiteindelijk ook de reden waarom sommige organisaties heel goed bij mij passen en andere niet. Wie vooral op zoek is naar een leuke dag, een inspirerende spreker of een standaard training, heeft keuze genoeg. Interessant wordt het wanneer een organisatie wil begrijpen wat er onder de oppervlakte gebeurt. Wanneer dezelfde vraagstukken blijven terugkomen. Wanneer mensen voelen dat er iets speelt, maar niet precies kunnen benoemen wat.
Dan gaat het allang niet meer over non-verbale communicatie.
Over de bereidheid om te kijken naar wat zichtbaar wordt zodra de spanning net iets oploopt. Want uiteindelijk is dat waar de meeste informatie verborgen zit. Niet in de momenten waarop iedereen het met elkaar eens is. Maar in de momenten waarop dat niet zo is.